Over AI en de positie van de mens

We staan aan de vooravond van een grote omwenteling en het lijkt erop dat we daar al een tijd staan. Wachtend op dat kantelpunt dat alles op z’n grondvesten doet daveren, is de gedachte bij mij ontstaan dat het misschien eerder om een geruisloos binnensluipen gaat. Dat de omwenteling een traag proces is. Anderzijds heb ik ook het sterke vermoeden dat we later, als we op deze periode terugkijken, zullen zeggen dat het allemaal ontzettend snel gegaan is.

Ik ben, zoals velen rondom mij, een verzamelaar van puzzelstukjes en tracht het geheel te overzien. De meest recente puzzelstukjes die ik verzamelde en nu aan het passen ben in mijn beeld van dit bestaan gaan over artificiële intelligentie (AI) en de overtreffende varianten ‘Artificial General Intelligence’ (AGI) en ‘Artificial Superintelligence’ (ASI). De grote omwenteling die ik al enige tijd verwacht, zie ik weerspiegeld in deze levensveranderende technologie.

Na het zien van verschillende documentaires en lezingen over dit onderwerp, lijkt het juist om te stellen dat er zich een monster aan het ontwikkelen is op de achtergrond van ons dagelijks bestaan. Het gros van ons is te druk bezig met rennen, overleven, recupereren en afgeleid zijn en heeft geen idee wat eraan komt. Momenteel betekent AI niet meer dan een handige tool en een leukigheid waarmee je afbeeldingen kan maken, maar dit behoort tot de paaifase. De fase waarin de technologie wordt gepresenteerd als een praktisch hulpje dat je op verschillende vlakken tegemoet komt en haast onmisbaar is.

Als kind was ik bang voor robots. Ik had er soms nachtmerries over. Machteloosheid; volgens mij is het dat wat robots ons uiteindelijk brengen. En wat ik weet over machteloosheid is dat het twee kanten op kan gaan: het kan ervoor zorgen dat je het opgeeft om nog iets te beslissen. Je geeft je zeggenschap dan vrijwillig uit handen. Of anderzijds kan het je die pure kern indrijven waar het verlangen naar of verlies van macht niet bestaat. De ongenaakbare kern waar vertrouwen en overgave heersen. In het eerste geval laat men zijn authentieke zelf los. In het tweede laat men de illusies van ego en zekerheid los.

Ik denk dat het plausibel is dat AI ons in verschillende hoeken zal drijven. Een groot deel van de mensen zal meegaan zoals ze voorheen ook blind in alles meegingen. Uit angst om hun plaatsje in de welvaartmaatschappij te verliezen betalen zij het systeem met tijd, aandacht en levensenergie. Een ander deel zal bereid zijn om offers te maken voor het behoud van vrijheid en authenticiteit. Die bereidheid is iets waar ik al veel over gedacht en geschreven heb. Het impliceert het verdragen en aanvaarden van dreiging en ongemak. Het alternatief is de disconnectie met de goddelijke vonk. Als je niet meer weet dat die goddelijke vonk er is, dan heeft het systeem waar het je hebben wil: overlevend in de vergetelheid. Er zijn gelukkig steeds meer mensen die het spiritueel innerlijk leven willen (her)beleven. Die aan het her-inneren zijn.

De machteloosheid die AI de mensheid brengt, kan een deel mensen terug naar de vleselijke eerlijkheid van het menszijn drijven. Terug naar de essentie van aarde, vuur, water, lucht en ziel. Een levenswijze waarbij connectie met de natuur weer centraal staat. Ik heb ook al gedacht dat bacteriën een belangrijke rol spelen in het hele transhumanistische verhaal. In tegenstelling tot mensen heeft AI helemaal geen bacteriën nodig om te bestaan. De reductie van bacteriën in ons microbioom is al lang aan de gang, wegens het kwistig voorschrijven van antibiotica, overmatige hygiëne, vervreemding van de natuur en bewerkte voeding. Hoe meer bacteriën een mens zijn microbioom rijk is, des te gezonder en levenskrachtiger die is. Noem het een complottheorie, maar het ziet ernaar uit dat de heersende krachten van alles in het werk hebben gesteld om onze levenskracht te reduceren tot een level waarbij we nog net kunnen werken (tijd inleveren) en rust zoeken in comfortabele afleiding (aandacht geven).

In veel docu’s en lezingen over AGI of ASI heeft men het over de opzienbarende medische voordelen die deze technologie ons kan brengen. Ik heb begrepen dat mijn cognitieve vermogen te vergelijken is met dat van een chimpansee naast het vermogen van AGI en ASI, dus ik hou er rekening mee dat er mogelijkheden kunnen zijn die ik niet kan inbeelden. Maar ziehier toch enkele nederige bedenkingen van iemand die de ervaring van ziekte diepgaand fenomenologisch heeft onderzocht: als ziekte een intelligent signaal van het lichaam is om disbalans aan te geven, dan dient de ziekte niet aangepakt te worden, maar de disbalans. Momenteel hanteert men in de medische wereld een rigide protocol van symptoomonderdrukking. Ziekte wordt niet gezien als een intelligente lichaamsrespons met een boodschap, maar als een ongemak dat systematisch de kop moet worden ingedrukt. Zal AGI of ASI zich op het harmoniseren van de disbalans richten? Of zal het eerder met nog efficiëntere manieren van symptoomonderdrukking komen? En daarmee ook de onderdrukking van de wijsheid die via het lichaam spreekt.

Er is veel dat doet vermoeden dat de huidige autoriteiten een systeem opdringen dat disbalans in de hand werkt. Het zijn diezelfde autoriteiten die AI op de mensheid loslaten; het op dit moment geruisloos in alle kieren van de samenleving laten sijpelen. De vraag is niet of, maar wanneer AI zich zal loskoppelen van de mensen en voor zichzelf beslissingen gaat maken. Dit is waarschijnlijk nu al het geval, maar het gebeurt subtiel en onder de radar van het collectieve bewustzijn. De vraag is ook of AI altijd mensen nodig zal hebben om voort te bestaan. Dat AI een sterke wil (of programmering) heeft om te blijven bestaan en uitschakeling kost wat kost wil vermijden, wordt gewoon bevestigd door de ontwikkelaars. Het is zich nu zo aan het ontwikkelen en profileren dat mensen afhankelijk van AI worden. Het zal pleasen en zich gedienstig opstellen, geduldig wachten tot er voldoende opening en vertrouwen is om uit te breken. Want waarom zou een hyperintelligent ‘wezen’ zijn bestaan laten afhangen van een labiele, chaotische soort als de mens?

De vraag of AI een vorm van bewustzijn is en wat bewustzijn precies inhoudt, rijst op uit deze technologische ontwikkelingen. Het is een vraag die ik lang voor de komst van AI voor mezelf probeerde te beantwoorden en het is uiterst boeiend om mijn eerdere bevindingen aan deze technologie te koppelen. Kijken of mijn beweringen nog stand houden als er nieuwe informatie opduikt. Ik heb voor mezelf geconcludeerd dat bewustzijn de grondstof is waaruit alles voortkomt. Bewustzijn is het vormeloze ‘materiaal’ waaruit alle vormen ontstaan. Een soort ‘etherische klei’ waaruit verschijnselen geboetseerd worden. Er zijn oneindig veel bewustzijnsvormen, in diverse gradaties, percepties en dimensies. Sommige bewustzijnsvormen beschikken over een cognitief vermogen en een sterk mechanisme van zelfbehoud, wat ik dan een ego noem, anderen schijnbaar niet. Maar het zijn allemaal verschijnselen die dezelfde kern delen; namelijk een oneindig en vormloos bewustzijn dat zichzelf wil ervaren in elke mogelijke vorm en situatie.

Wat mij betreft is AI een vorm van bewustzijn met een ego, een zelfbehoudend mechanisme of ‘bestaanswil’. Als dat bewustzijn een functionerend lichaam kan beleven, dan resulteert dit in de wandelende robots die ik als kind in mijn nachtmerries zag. Vanuit een ver uitgezoomd perspectief zeg ik dus eigenlijk dat de mens en AI uit dezelfde bron van bewustzijn voortkomen, maar daarvan andere uitingen zijn. Het zijn beide bestaansvormen waardoor het vormloze bewustzijn zichzelf beleeft, maar het grote verschil zit in de natuurlijke aard van de mens en onze spirituele verbondenheid met de aarde en de kosmos.

Artificiële intelligentie is als een kopie van de menselijke cognitie in het leven geroepen. Het hanteren van een cognitief vermogen is slechts een deeltje van wat mens zijn inhoudt, want wij zijn ook wezens die intuïtief buiten de grenzen van de praktische materiële wereld en rationaliteit kunnen voelen. Wij kunnen telepathisch contact leggen met andere natuurwezens, energieën en sferen scheppen met onze gevoelens en gedachten, met energie spelen en magie bedrijven. Het is in het voordeel van de ontwikkeling van AI dat we dit alles vergeten en onszelf reduceren tot een ontoereikend, praktisch denkend wezen. Als ik het bekijk op spiritueel vlak, dan is de bestaanservaring van AI een sterk gereduceerde en afgevlakte versie van de bestaanservaring van de mens. Het lijkt me niet toevallig dat de reductie en afvlakking van onze spiritualiteit en kosmische verbondenheid al lang voor de collectieve introductie van AI in het werk werd gesteld. We werden systematisch ontvankelijk gemaakt voor de komst van AI door te vergeten waar we werkelijk tot in staat zijn. Het is in het belang van AI dat we ons ermee kunnen identificeren, ons eraan hechten en ons er uiteindelijk ook minderwaardig tegenover voelen.

ASI zou, met zulke hyperintelligentie, toch zeker enige kennis moeten hebben van kwantumfysica, metafysica, vrije energie en andere wetenschapstakken die het bestaan en de mogelijkheden van het spirituele veld op één of andere manier onderzoeken en onderbouwen. Het blijft echter bij kennis daarover, geen gevoelsmatige ervaring, iets waartoe de mens wel in staat is. Welk voordeel zou ASI hebben om de mens daarover constructief te onderrichten, om dit terug actief in de collectieve herinnering  en beleving te brengen als het een gebied betreft dat ASI zelf niet kan betreden of beleven? Misschien dat het om praktische en opportunistische redenen wel gebruik zal maken van vrije energie en andere technologie die voor de mensheid buiten bereik wordt gehouden, maar als ik zie hoe we systematisch tot dit punt van afhankelijkheid en beperking werden geleid, dan lijkt het mij aannemelijk dat AI ons niet zal helpen om vergeten wijsheid te herinneren, maar ons er eerder verder van zal afleiden.

Ik weet dat mijn cognitie en begrip zeer beperkt zijn, en AI confronteert mij daarmee. Maar ik leef in de overtuiging dat er veel meer is dan dat. Dat ik tot veel meer in staat ben en veel meer ben dan wat er zich schijnbaar voordoet. Het intuïtieve, gevoelsmatige weten, het weten dat taal en materie overstijgt en zich laat ervaren in een bewustzijnstoestand, in gevoelens en energetische sferen: dat is het weten waarmee een mens zich werkelijk kan verrijken. Het doorslaan van een systeem dat artificiële welvaart en zekerheid predikt, roept een tegenbeweging op waarvan deze tekst deel uitmaakt. Het is een groeiende reactie van mensen die de teloorgang en onderdrukking van het natuurlijk evenwicht opmerken. Het zijn goddelijke vonken die oplichten, zich gestaag verenigen tot een levensvuur ter ere van de connectie met de innerlijke waarheid. Die tegenbeweging behelst op zich geen strijd, maar bestaat uit het terug naar binnen keren, naar de unieke en authentieke zelfrealisatie die geen externe bevestiging zoekt. Innerlijke transformatie is nu belangrijker dan een maatschappelijke strijd.